Categorie Archief nieuws

Een mooie gift

Deze tas vol met eten voor buitenslapers kregen we zomaar. Eigenaar van horecaonderneming Bret Sloterdijk en Houtrijk heeft de spullen op het groene Schip gekocht en bij ons veldwerk af gegeven voor verspreiding. Ontzettend fijn!

Vrijheidsmaaltijden

In Nederland kunnen we vieren dat we in vrijheid leven. Vrijheid is nooit vanzelfsprekend. Zeker als je geen dak boven je hoofd hebt. Bij de vrijheidsmaaltijden gaan op 5 mei in heel Nederland mensen met elkaar aan tafel, om verhalen te delen en samen vrijheid te vieren. Ook dit jaar delen we de vrijheidssoep met dakloze mensen. Hieronder staat het recept, dit jaar gemaakt door Nick Toet.

  • 20240505-Vrijheidsoep-1 Vrijheidsmaaltijden
  • 20240505-Vrijheidsoep-2 Vrijheidsmaaltijden

Straatzorg heeft professionals nodig met oog voor de gevallen medemens

Igor fietste15 jaar als daklozendokter door Amsterdam. Hij leerde ook het ‘gedoe’ van het systeem kennen. Volgens hem een vesting waar hulpverleners zich veilig achter protocollen kunnen verschuilen. “Dan wordt gezegd dat een cliënt niet gemotiveerd is of geen hulpvraag stelt. Maar dit zijn termen voor de knappe koppen. Niet voor de burger zonder huis, met schulden en verprutste relaties.”

Samen met straatdokters Ronald Smit en Marcel Slockers bundelen ze de lessen van de straat in een opleiding. Een opleiding voor, zoals ze zelf zeggen alle professionals die vinden dat de ziel moet terugkeren in de publieke zorg en die buiten de lijntjes durven kleuren. Igor is docent in de nieuwe module Straatzorg en publieke gezondheid.

‘Pas als je ziet en vóelt wat er speelt, kun je dat omzetten in praktisch beleid. Met deze module willen we het bewustzijn en de signaalcapaciteit van professionals versterken. Het vermogen om de juiste signalen op te pikken bij mensen die dreigen verder af te glijden. Om vervolgens te weten dat je iets kunt dóen en niet hoeft af te wachten tot iemand verdrinkt. Mensen kunnen heel lang op het randje functioneren. Maar als de helpende hand van de buurvrouw wegvalt, kunnen zij ineens wegzakken in het moeras. Als professional kun je helpen om dat moeras een beetje leeg te pompen. Door hier en daar wat bakens aan te brengen zodat mensen niet verder afglijden’.

Deelnemers maken kennis met de problematiek van mensen die op straat leven of daar dreigen te belanden. Ook over de oorzaken die daaraan ten grondslag liggen. We laten zien welke bouwstenen voor goede sociaal-medische zorg er zijn. Deze bouwstenen zijn vanuit de praktijk ontwikkeld door de Doctors for Homeless Foundation en de Nederlandse Straatdokters Groep. Iedere deelnemer gaat ook de straatzorg praktijk in, om te voelen wat er speelt.” Een opleiding voor, zoals ze zelf zeggen, alle professionals die vinden dat de ziel moet terugkeren in de publieke zorg en die buiten de lijntjes durven kleuren.

‘Mijn advies aan daklozen is: stap over je trots en schaamte heen, zoek hulp!’

Peter de Graaf van de Volkskrant heeft een mooi artikel geschreven over Dennis en de Ethos tellingen. Hier een paar citaten, die voor ons in het oog springen door de herkenbaarheid met de mensen die wij ondersteunen. Dakloosheid ligt dichtbij het kan iedereen overkomen.

‘Nog geen halfjaar geleden stond Dennis (50) op het punt om van een viaduct te springen. Hij was dakloos, alcoholist en eenzaam, zat na een werkend leven sinds enkele maanden in de ziektewet en zag het leven niet meer zitten’.

‘Ik heb veel fouten gemaakt, maar op het dieptepunt van mijn leven heb ik de juiste beslissing genomen: ik heb hulp gezocht. Ik heb de knop omgezet.’

Hij meldde zich bij de sociaal-maatschappelijke opvang, kreeg medische, sociale en financiële begeleiding. Hij is van de drank af, werkt nu als vrijwilliger (en over een maand als betaald medewerker).

Dennis heeft zijn leven weer op de rit. ‘Mijn ouders zijn hartstikke trots en zeggen: we zien de Dennis van dertig jaar geleden weer, sociaal en amicaal.’ Hij zet zich in voor daklozen en andere kwetsbare mensen.

‘Na een scheiding in 2007 en een andere mislukte relatie raakte hij dakloos. Eerst kon hij nog terecht bij een familielid of bij een kameraad op de bank. Daarna in een kraakpand, illegale onderhuurwoning. Hij sliep in een tentje op de camping of tikte een ruitje in van een leegstaande woning. ‘er komt een moment waarop je nergens meer naartoe kunt’, dan lig je op een bankje in het park, in het bos of op het station.’

Hij zocht zijn heil steeds meer in de alcohol, vooral na de suïcide van een dierbare naaste, en raakte steeds dieper in een isolement. ‘Ik heb het lang volgehouden, omdat ik wel bleef werken en centjes verdiende’.

Schaamte en trots

De laatste jaren was hij teamleider bij een transportbedrijf. Zelfs toen hij enkele maanden ‘op straat leefde’ hebben zijn collega’s op het werk volgens hem nooit iets van zijn dakloosheid en alcoholprobleem gemerkt. ‘Het leven op straat is wel heel eenzaam’, zegt hij zacht. ‘Je weet nooit wat de dag gaat brengen. Je werkt maar acht uur, daarna blijven er nog veel uren op straat over.’

Aanvankelijk wilde hij geen hulp zoeken, uit schaamte en trots. Maar nu is hij zo blij dat hij eind maart eindelijk alsnog hulp vroeg. ‘Mijn advies aan alle daklozen is dan ook: stap over je trots en schaamte heen, zoek hulp via je huisarts of meld je aan bij de maatschappelijke opvang. Grijp die mogelijkheid aan. Want alleen ga je het niet redden.’

Ethos telling

Voor het eerst in Nederland is een nieuwe methode toegepast om het aantal dak- en thuislozen te tellen. De Ethos-telling, een initiatief van Kansfonds en Hogeschool Utrecht. Het werd uitgevoerd in Noordoost Brabant en geeft volgens onderzoekers en ook volgens ons een betrouwbaarder beeld dan de cijfers van het CBS. Een scherp beeld van dakloosheid is hard nodig voor gemeenten om inwoners in de knel te kunnen helpen.

In de regio rond Den Bosch en Oss hebben 96 organisaties op één dag het aantal daklozen geïnventariseerd. Daarbij gaat het niet alleen om opvanginstellingen, maar ook om organisaties die dakloze mensen ‘in beeld’ hebben, zoals buurtteams, wijkagenten, maatschappelijk werk, jeugdhulpverlening, woningcorporaties en ziekenhuizen. De resultaten werden vorige week donderdag gepresenteerd. Er werden 1.500 daklozen geteld. Onder hen zijn liefst 346 minderjarigen (23 procent) – veelal kinderen die met één ouder (of twee ouders) thuisloos zijn. Ook werden 38 dakloze 65-plussers geïnventariseerd, de oudste is 86 jaar.

Het CBS telt alleen daklozen tussen de 18 en 65 jaar die een bijstandsuitkering ontvangen en voorkomen in het register van dakloze mensen. Andere groepen, zoals mensen zonder verblijfsvergunning, worden door het statistiekbureau buiten beschouwing gelaten.

De groep daklozen in de regio blijkt zeer divers te zijn. Onder de volwassenen komen 54 nationaliteiten voor en is bijna een derde vrouw. ‘De meerderheid leeft niet op straat of in de opvang voor dakloze mensen, maar bij vrienden, familie, in een auto, garage of stacaravan’, aldus de onderzoekers. De Ethos telling geeft ook meer inzicht in de leefsituaties van daklozen op lokaal niveau: hoeveel vrouwen verblijven uit noodzaak op een camping of hoeveel jongeren slapen bij wisselende bekenden op de bank?

De onderzoekers benadrukken dat met deze methode veel meer groepen die anders ‘onzichtbaar blijven in de cijfers’ worden meegeteld. Maar ze erkennen ook dat er altijd mensen zijn die niet in beeld komen, bijvoorbeeld omdat ze bewust onder de radar willen blijven.

Ze hebben de ambitie om de nieuwe daklozentelling in heel Nederland uit te voeren. Voor de tweede Ethos telling, die komend voorjaar zal plaatsvinden, hebben zich inmiddels 55 gemeenten in zes regio’s aangemeld. Waaronder ook Amsterdam.

Winteropvang 2022-2023

Belangrijkste bevindingen

Hogere aantallen

In de winter ‘22/’23 hebben 2146 bezoekers gebruik gemaakt van de winteropvang/WKR. Het maximumaantal was 538 bezoekers op 1 nacht, het gemiddelde 390 bezoekers per nacht. Deze aantallen zijn zo’n 50% hoger dan tijdens de drie jaren met doorlopende winteropvang en WKR vóór de coronapandemie en ook hoger dan aantallen tijdens WKR/corona noodopvang van vorig jaar (2021/22). Alleen in de winter 2020/21 was maximum aantal bezoekers hoger dan dit jaar (n=560). Destijds was er sprake van een combinatie van corona noodopvang, avondklok en een periode met vrieskou.

Organisatie van winteropvang algemeen
Iedereen die dakloos is in Amsterdam kan zich aanmelden voor de doorlopende winteropvang.
De winteropvang was gepland van 1 december ’22 tot 3 april ’23. Tijdens de eerste 10 dagen krijgen mensen een verdiepende screening om te kijken wat hun perspectief is in Amsterdam en/of Nederland. Hieruit volgt een advies over het traject waar mensen aan kunnen werken binnen de winteropvang. Indien niet wordt meegewerkt aan het vervolgtraject kan dit betekenen dat de toegang tot de winteropvang gestopt wordt.

  • De winteropvang maakt dat er extra capaciteit is in de opvang en geeft professionals die in contact komen met mensen die dakloos zijn, de gelegenheid deze tijdelijk onderdak te brengen (GGD-veldregie, politie, handhaving, veldwerk, mobiel team HVO/Querido). Met name geldt dit voor hulpverlening aan mensen die normaal gesproken niet direct toegang hebben tot de dag- en nachtopvang; de Amsterdamse ‘economisch’ daklozen, de EU-burgers en ongedocumenteerden. Daarnaast biedt de Winteropvang een mogelijkheid voor professionals om een traject in te zetten of te continueren bij mensen die eerder moeilijk bereikbaar waren. Bij een gevoelstemperatuur rond het vriespunt of kouder en/of bij extreme wind wordt de winterkouderegeling (WKR) afgekondigd. Dit gebeurt gelijktijdig met Utrecht, Den Haag en Rotterdam. In de periode van 22 november tot 6 april 2023 waren er 9 periodes van winterkouderegeling met een totale duur van 74 dagen. Daarnaast waren er 55 dagen waarbij enkel winteropvang van kracht was. Tijdens de WKR is de opvang zonder restricties geopend voor iedereen die dakloos is.
  • Voor de kwetsbare doelgroep die aan het eind van de Winteropvang van 4 maanden nog niet is doorgestroomd naar een meer passende voorziening, zijn op de Transformatorweg 6 en Atlantisplein (jongvolwassenen) negentig extra bedden (overbruggingsbedden) in stand gehouden. Deze blijven tot 3 juli 2023 operationeel. Het gaat hierbij om de doelgroepen rechthebbende Amsterdammers, kwetsbare EU-burgers en kwetsbare ongedocumenteerden die niet terecht kunnen in de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV) en ongedocumenteerde mensen die daar op de urgente wachtlijst staan.
  • De locaties voor winteropvang zijn verspreid over de stad; Transformatorweg; hoofd- en bijgebouw, Slotermeerlaan, Nieuwe Looierstraat, Atlantisplein en de inloophuizen van de Regenbooggroep. Transformatorweg is voor kwetsbare dakloze mensen met meervoudige problematiek, het bijgebouw van de Transformatorweg is specifiek voor vrouwen, Atlantisplein voor Jongvolwassenen en LHBTQI-doelgroep, de Nieuwe Looierstraat voor de meer zelfstandige groep en de Slotermeerlaan voor dakloze mensen van buiten Nederland waarbij het grootste deel uit de EU afkomstig is.
  • Op Locatie Atlantisplein waren dit jaar meer bedden (n=20) voor kwetsbare Jongvolwassenen nodig dan verwacht terwijl het aantal bezoekers uit de LHBTQ groep achterbleef bij de verwachting (n=4).
  • De meerderheid van de bezoekers maakt kort gebruik van de Winteropvang/WKR: 28% niet meer dan 2 nachten, 51% niet meer dan negen nachten en 75% niet meer dan 32 nachten. Er waren 58 bezoekers (3%) die daadwerkelijk 4 maanden (121 nachten of meer) gebruik hebben gemaakt van de opvang. Gemiddeld maakten de bezoekers 23 nachten gebruik van de opvang.
  • Ondanks het grote aantal gebruikers van de Winteropvang/WKR zijn er geen opvallende incidenten geweest en is de Winteropvang en WKR rustig verlopen.

Kenmerken van de totale groep bezoekers:

  • Geslacht en leeftijdsverdeling zijn vergelijkbaar met vorig jaar.
  • De demografische kenmerken van de totale groep bezoekers zijn vergelijkbaar met die van de Winteropvang/Corona-noodopvang in de winter ‘21/’22. De meerderheid is man (91%) en de gemiddelde leeftijd is 37 jaar.
  • Nationaliteit en rechthebbendheid: een minderheid van de totale bezoekers heeft de Nederlandse nationaliteit (18%). Er is vergeleken met eerdere jaren niet zozeer sprake van een daling van het aantal Nederlandse bezoekers maar eerder een stijging van het aantal bezoekers met Buitenlandse nationaliteit.
  • Uit een dwarsdoorsnede van 315 bezoekers van de winteropvang (exclusief de bezoekers van de Regenbooggroep, d.d. 21 februari ’23) bleek dat 44% rechtmatig in Nederland verblijft. Deze discrepantie wordt veroorzaakt doordat een deel van de mensen met een buitenlandse nationaliteit een Nederlands woon/werkverleden en Nederlands Burgerservicenummer heeft en juist deze groep langer in de winteropvang verblijft.
  • Uit dezelfde inventarisatie bleek dat 14% (44 personen) een indicatie heeft voor een MOBW of WLZ-voorziening (Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (binnen Wet Maatschappelijke ondersteuning), Wet Langdurige Zorg). Van deze 44 personen met een indicatie zouden er 15 voor de MO-Jongvolwassenen in aanmerking komen.

    Hoger percentage nieuwe mensen
  • De meerderheid van de bezoekers (68%) was voor de winterperiode nog onbekend in de registraties voor de Amsterdam opvang.
  • Hoewel dit kenmerkend is voor de Winteropvang is het percentage hoger dan tijdens de voorgaande jaren (variërend van 53%-64%); het gaat daarbij om mensen die nieuw dakloos zijn geworden en/of het afgelopen jaar naar Amsterdam zijn gekomen. In de praktijk betekent dit dat, zelfs als iedereen die zich dit jaar bij de winteropvang meldt stabiele huisvesting zou krijgen, de winter(koude) opvang volgend jaar nog steeds nodig blijft.
  • Op 31 maart 2023 maakten nog 353 mensen gebruik van de opvang. Dit betekent dat 84% (n=1793) van de 2146 unieke bezoekers al uitgestroomd was. De laatste vergelijkbare periode van winteropvang (pre-corona) was in 2018/19; ook toen was na 125 dagen 84% van de mensen uitgestroomd.
  • Ook met betrekking tot financiën, duur van verblijf in Amsterdam en gezondheid zijn de kenmerken vergelijkbaar met de jaren ervoor.
  • Meer dan de helft (56%) had geen (legale) vorm van inkomsten.
  • 24% van de bezoekers verbleef minder dan een maand in Amsterdam.
  • Bij de helft (50%) van de groep werd bij aanmelding geen gezondheidsprobleem opgemerkt. Bij één op de acht personen (12%) was er volgens de GGD (op het eerste gezicht) sprake van een gezondheidsprobleem waardoor het functioneren ernstig beperkt werd (op gebied van middelengebruik, geestelijke- of lichamelijke gezondheid).
  • Dr. Valckenier van de GGD heeft een huisartsenspreekuur (mede in het kader van het plan ‘Oost-
    Europeanen’) ingesteld voor de (kwetsbare) bezoekers met medische problemen. Hierdoor is er
    beter zicht op mensen met lichamelijke problemen.
  • Voor personen waarbij het onverantwoord is om overdag op straat te zijn bestaat er de mogelijkheid op locatie te blijven. Op de T6 wordt hier dagelijks door 3-5 mensen gebruik van gemaakt. Ook op Atlantisplein konden 4 tot 6 bezoekers ook overdag verblijven, hierbij ging het om Jongvolwassenen op de wachtlijst voor een voorziening van Beschermd Wonen of Wet Langdurige Zorg.
  • Arkin Zorgtoeleiding heeft 40 mensen bij de crisisdienst aangemeld via de Winteropvang.
  • Op de locatie Slotermeerlaan wordt extra ingezet op het begeleiden naar werk en/of repatriëren.
    Hierbij werd een beroep gedaan op hulpverleners van instellingen als Veldwerk (Permens),
    Mobiel Team (HVO/Querido), Dobre020 en AMOC (RBG).
  • Door de grote aantallen deze Winteropvang bleek de reguliere capaciteit vanuit deze organisaties te beperkt. Bij een volgende Winteropvang 4 maanden zou hier specifiek naar gekeken moeten worden.
  • Het regelen van documenten om legaal in Nederland aan het werk te kunnen kost tijd. Alleen voor EU-burgers die al een Burgerservicenummer hebben is het mogelijk om op korte termijn
    (officieel) werk te regelen.

Buitenslapers ondanks de Winteropvang

  • Bij de inloopvoorzieningen van de Regenboog bleek op 23 januari 2023 (ten tijde van de WKR)
    dat 24% van de 515 bezoekers nog buiten had geslapen (naar schatting 125 buitenslapers onder
    deze bezoekers van de inloophuizen).
  • Opvallend is dat, ten opzichte van de inventarisatie tijdens de WKR in de februari 2022, het percentage buitenslapers binnen de inloopvoorzieningen in 2023 gelijk is, en het absolute aantal zelfs iets hoger is (113 vs. 125).
  • Vorig jaar was er alleen een kortdurende winterkoudeopvang waar 199 mensen gebruik van maakten, terwijl ten tijde van deze inventarisatie 457 mensen gebruik maakten van de winterkoudeopvang.
  • Bijna 1 op de 5 buitenslapers in de inloopvoorzieningen meent geen toegang te hebben tot de winterkouderegeling. Dit terwijl tijdens de WKR iedereen toegang heeft, ook mensen waarbij het traject in de Winteropvang beëindigd is of die geschorst zijn bij de doorlopende Winteropvang. Mogelijk is er sprake van een misverstand over de toegang tijdens de koudere dagen. Voor andere buitenslapers zijn de drukte op locatie, gevoelens van onveiligheid, gebrek aan hygiëne en privacy in de winter(koude)opvang redenen om geen gebruik te maken van de opvang. Ook tijdens bezoekersbijeenkomsten door de straatalliantie zijn deze thema’s aan de orde geweest.

Wat kan er beter?
Onderscheid tussen (toegang tot) opvang in het kader van WKR en doorlopende winteropvang lijkt niet
bij iedereen duidelijk. Hierover kan duidelijker gecommuniceerd worden, zowel op de locaties van de
Winteropvang als op de sites waar deze wordt aangekondigd. Vanuit belangenbehartiging en tijdens de
bezoekersoverleggen werd ook aangegeven, dat niet iedereen bij digitale informatie kan en hier in het
kader van bereik naar gekeken zou moeten worden. Een andere, meer onderscheidende, naam voor
(doorlopende) winteropvang zou de verwarring mogelijk kleiner kunnen maken.

De registratie van het plan van aanpak/doelstellingen voor mensen in de Winteropvang en de kenmerken
van de bezoekers waarop dit plan van aanpak/doelstellingen gebaseerd is, kan beter. Om deze zaken te
kunnen evalueren dient het ingebouwd te worden in het registratiesysteem. Hiervoor zouden de te
registreren items enkele maanden voor aanvang al bekend moeten zijn.

CBS schat minder dakloze mensen in Nederland, maar meer daklozen bekend bij opvanginstanties?

Het aantal dakloze mensen is voor het derde jaar op rij gedaald, schat het CBS in. De groep daklozen die bekend is bij instanties en gebruik maken van de dag- en nachtopvang is wel groter geworden, volgens het statistiekbureau. Is dat raar, jazeker tot je ontdekt welke mensen het CBS telt en vooral welke ze niet tellen.

Het CBS telt het aantal mensen dat bekend is in de registers van tijdelijke opvang en de reclassering bij elkaar op. Daarnaast schat zij de omvang van de groep die hier niet in voorkomt, maar ook geen vaste verblijfplek heeft. Daar gaat de telling mis. Ze telt alleen het aantal daklozen tussen 18 en 65 jaar oud en mensen die in administratieve bronnen zouden kunnen voorkomen. Uitgeprocedeerde asielzoekers worden niet meegenomen in de schatting, arbeidsmigranten wel.

In 2022 waren er volgens de schattingen van het CBS bijna 27.000 mensen dakloos, tegenover 32.000 het jaar ervoor. Tussen 2009 en 2018 steeg de groep dakloze mensen nog van 18.000 naar 39.000. Onder daklozen verstaat het CBS mensen die buiten slapen, bij vrienden of familie, in een tijdelijke opvang of op plekken als een auto, kraakpanden of vakantiewoningen.

De conclusies gaan dan ook over een deel van de populatie en zijn de samenstelling van de groep dakloze mensen bleef de afgelopen jaren nagenoeg gelijk. Wel is het aandeel mannen iets gedaald ten opzichte van 2020, van 84 naar 81 procent. Ook het aandeel jonge daklozen (18 tot 27 jaar) daalde licht. Ongeveer 40 procent van de dakloze mensen zijn niet in Nederland geboren, van hen is veruit de grootste groep buiten Europa geboren.

Handhaving en dakloosheid

De handhavers van Amsterdam en niet alleen in Amsterdam hebben geen eenvoudige opdracht. Soms moeten zij handhaven in situaties, waarin ze zelf wellicht andere keuzes zouden willen maken. 

Handhaven betekent immers de wet uitvoeren, mensen gelijk behandelen en tegelijkertijd rekening houden met hun specifieke situaties, zonder dat er willekeur ontstaat. Nou ja, het leest het al, niets eenvoudigs aan.

Zo was er recent een situatie in Amsterdam, waarbij reflectie achteraf de handhaver deed hem beseffen dat hij wellicht ook anders had kunnen reageren.

Wat heel mooi is, dat het inzicht resulteerde in positieve acties. Zoals het uitreiken van verschillende broodjes en fruit aan mensen in portieken zonder vaste verblijfplaats. Iets om trots op te zijn, daarom heeft Patric hem namens ons bedankt.

Hier zie je Karim Sijbesma de gulle geven samen met Patric bij de uitreiking van het bedankje.

Afbeelding-van-WhatsApp-op-2023-09-09-om-20.14.26-1024x768 Handhaving en dakloosheid

Economisch dakloos, het kan iedereen overkomen, ‘Ik haatte mijn leven toen’

Het aantal personen met gewoon een baan en een inkomen die geen dak boven hun hoofd hebben, groeit in meerdere steden explosief. ‘De woningnood is nijpend, de prijzen stijgen, ik vrees dat het alleen maar erger wordt.’

Peter de Graaf en Iva Venneman schreven over gewone succesvolle mensen die dakloos raken op 8 juni 2023, in de Volkskrant. Hier een citaat en de link naar het hele artikel.

Wel een baan en een inkomen, maar geen thuis en een dak boven je hoofd. ‘economisch daklozen’, een snel groeiende groep. Ze kampen niet met hevige verslavingen of psychiatrische problemen, maar zijn hun huis kwijtgeraakt door scheiding of oplopende schulden.

De groep zogenoemde ‘bankslapers’ met een postadres – nodig voor werk, belastingaangifte en uitkering. Als zij geen beroep meer kunnen doen op een bed bij familie en vrienden, dreigen zij in de daklozenopvang te belanden. Alleen al in Amsterdam leven er naar schatting drieduizend werkenden zonder huis, blijkt uit onderzoek van de gemeente. In het najaar sloegen de wethouders van Amsterdam en Utrecht alarm over het groeiend aantal daklozen, onder wie ook degenen die om economische redenen geen dak boven hun hoofd hebben.

Nationaal actieplan

De daklozenproblematiek staat ook landelijk in de schijnwerpers: het kabinet lanceerde in december het Nationaal Actieplan Dakloosheid. Daarvoor wordt 65 miljoen euro per jaar uitgetrokken, boven op de reguliere 385 miljoen die gemeenten ontvangen voor maatschappelijke opvang. Het doel is ambitieus: ‘In 2030 heeft iedereen een thuis.’

Werkende daklozen

Jonge, werkende daklozen ‘die nooit goed voor zichzelf hebben leren zorgen. De daklozenopvang, die al vol zit met daklozen die de stempel ‘Niet zelfredzaam’ hebben gekregen. Dat zijn daklozen die onder de openbare geestelijke gezondheidszorg vallen, meestal vanwege verslaving of ernstige geestelijke problematiek. Economisch daklozen kunnen in Amsterdam terecht bij De Regenboog Groep, een organisatie voor dak- en thuislozen, die sinds vier jaar zelfs een speciaal team voor economisch daklozen heeft.

Bankslapers

De meesten van hen hebben eerst al weken bij vrienden, familie of bekenden op de bank geslapen voor ze zich bij hen melden. ‘Het is mooi dat iemand daar gebruik van kan maken en dat mensen solidair zijn met elkaar, maar ook dat houdt een keer op.’

Het probleem van economisch daklozen is hoofdzakelijk een woonprobleem. Er zijn geen betaalbare huizen te vinden en vaak kan iemand vanwege werk of ouderschapsregelingen niet zomaar naar een andere gemeente verhuizen.

Meer problemen

Wanneer iemand geen huis heeft, gaat het vaak snel bergafwaarts op andere vlakken. ‘Meestal hebben die mensen aanvankelijk nog niet zo veel problemen, los van hun woonvraag’. De stress die het slapen bij vrienden op de bank met zich meebrengt, veroorzaakt vanzelf meer problemen. Iemand ontwikkelt vaak schulden, mentale problemen of een verslaving. Vanwege alle stress lukte het op een moment niet meer om zich te focussen op werk.

Woonruimte

Al deze mensen zitten klem. Het is vechten om de sociale huurwoningen in Amsterdam. Vorig jaar kwamen er 7.000 van de circa 185 duizend sociale huurwoningen vrij, maar die worden vrijwel allemaal toegewezen aan ‘voorrangsgroepen’ als ouderen, jongeren en statushouders. Er kwamen slechts 23 sociale huurwoningen in de stad vrij voor overige woningzoekenden. Middeldure huur of kopen in de stad is voor eenverdieners vaak geen optie. ‘Daarom zitten mensen soms uit pure wanhoop in illegaal ondergehuurde kamertjes, wat opnieuw onzekerheid met zich meebrengt’.

Er is een aantal regelingen opgetuigd om economisch daklozen eventjes vooruit te helpen. Zo kunnen woningzoekenden in Amsterdam via de regeling ‘bijzonder bewoond’ een jaar in een leegstaand kantoor- of schoolgebouw wonen.

Via het project Onder de Pannen, dat ook in andere steden loopt, huurt een economisch dakloze een jaar lang een kamer bij iemand met een eigen woning of een sociale huurwoning. De hoofdhuurder behoudt tijdens dat jaar zijn recht op huurtoeslag, waardoor het voor beide partijen wat oplevert.

De gemeente Amsterdam kondigde daarnaast deze week een nieuwe ingreep aan: economisch daklozen kunnen vanaf 2024 ook voorrang krijgen op een sociale huurwoning in de hoofdstad. Dat moet per jaar dertig woningzoekende werkenden aan een woning helpen.

De meesten zullen ver buiten de Randstad moeten zoeken om permanente woonruimte te vinden. Maar ook daar liggen de huizen niet voor het oprapen. Sommige gemeenten weigeren bovendien woningzoekers die staan ingeschreven op het adres van de Amsterdamse daklozenopvang. ‘Dat mag niet, maar het gebeurt in de praktijk wel.’

Het lijkt dweilen met de kraan open. De woningnood is nijpend, de prijzen stijgen, ik vrees dat het alleen maar erger wordt. Als je eenmaal om wat voor reden je huis kwijt raakt en geen achtervang van je sociale netwerk hebt, dan kom je dus gewoon op straat te staan en ben je dus echt dakloos.’

Alle dakloze mensen tellen mee

De correspondent verslaggever Tim ‘S Jongers heeft een ontzettend mooi artikel geschreven, over wie wel of niet als dakloze mens wordt meegeteld, hier te lezen.